Het
Veiligheidskorps, wat is dat?
Het
veiligheidskorps werd opgericht in 2003. Het maakt deel uit van het
directoraat-generaal Penitentiaire Inrichtingen van de FOD Justitie.
De
veiligheidsbeambten van dit veiligheidskorps moeten de
politiediensten ontheffen van de taken die strikt genomen geen
politietaken zijn, zoals het overbrengen van gedetineerden en het
handhaven van de orde in hoven en rechtbanken.
Het
veiligheidskorps bestaat organisatorisch uit twee delen. Enerzijds
is er een beheerscel die zorgt voor de administratieve ondersteuning
van de veiligheidsbeambten. Anderzijds zijn er de
veiligheidsbeambten die geïntegreerd zijn in de lokale politiezones
en het operationele deel vormen.
Deze
veiligheidsbeambten oefenen hun functie uit onder de
verantwoordelijkheid van de minister van Justitie. Bij opdrachten
die te maken hebben met illegalen hangen zij dan weer af van de
minister van Binnenlandse Zaken.
De
veiligheidsbeambten vervullen hun opdrachten onder de functionele
verantwoordelijkheid van de lokale en federale politie. Het is wel
zo dat geen enkele bevoegdheid onttrokken wordt aan de
politiediensten. Als veiligheidsbeambten hun opdrachten niet of
slechts gedeeltelijk kunnen vervullen, moeten de politiediensten
deze uitvoeren, zodat de continuïteit ervan altijd gegarandeerd is.
De
taken waarmee de veiligheidsbeambten belast worden, bestaan onder
meer uit het handhaven van de orde in de hoven en rechtbanken en
andere plaatsen waar een magistraat of een lid van het openbaar
ministerie zijn ambt uitoefent.
Ze staan ook in voor de bewaking en de overbrenging van gevangenen
tussen de verschillende gevangenissen, van en naar private
instellingen of inrichtingen tot bescherming van de maatschappij en
naar de hoven en rechtbanken. Ook tijdens de verschijning voor een
hof of rechtbank dienen de beambten de bewaking te verzekeren.
Daarnaast zorgen ze voor het overbrengen en het bewaken van
personen, die illegaal in het land verblijven, vanuit een gevangenis
naar een gesloten centrum of naar een grens voor hun verwijdering
uit het land. Ook staan ze in voor de bewaking van gevangenen die
overgedragen worden aan vreemde autoriteiten en voor het in
ontvangst nemen van gevangenen die aan de Belgische autoriteiten
worden overgedragen.
Ze staan in voor het transport en bewaken van minderjarigen naar en
tussen specifieke instellingen en dit op verzoek van de
gerechtelijke overheden.
Ze dienen ook de gerechtelijke dossiers tussen de gevangenissen en
de hoven en rechtbanken over te brengen, zodat gevangenen hun
wettelijk inzagerecht kunnen uitoefenen.
Bij
het uitoefenen van deze taken moeten de veiligheidsbeambten zorgen
voor bewaking: zij moeten beletten dat de personen die zij
begeleiden ontsnappen. De politiediensten moeten zorgen voor de
bescherming: zij moeten de nodige maatregelen nemen zodat er geen
ontsnapping met hulp van buitenaf kan plaatsvinden.
Veiligheidsbeambten
mogen bij het uitvoeren van hun opdrachten dwang gebruiken. Ze mogen
de personen in hoven en rechtbanken waartegen een bevel tot
uitvoering van een vrijheidsbenemende maatregel werd getroffen
aanhouden en overbrengen. Ze mogen personen in hoven en rechtbanken,
gevangenissen, inrichtingen tot bescherming van de maatschappij,
gesloten centra voor illegalen of specifieke instellingen voor
minderjarigen bestuurlijk aanhouden. Ook hebben ze het recht om
gevangenen en personen in hoven en rechtbanken fouilleren en
voorwerpen en dieren in beslag nemen.
Daarenboven mogen ze de identiteit controleren van personen in hoven
en rechtbanken, gevangenissen, inrichtingen tot bescherming van de
maatschappij, gesloten centra voor illegalen of specifieke
instellingen voor minderjarigen.
De
veiligheidsbeambten zijn herkenbaar aan hun blauw uniform. Ze kunnen
zich legitimeren door middel van een dienstidentiteitskaart. Qua
dwangmiddelen en bewapening beschikken ze over een telescopische
wapenstok, peperspray, een veiligheidskoord en twee paar handboeien.
Afhankelijk van de aard van opdracht die deze beambten uitvoeren,
kunnen ze beschikken over een aantal kogel- en steekwerende vesten.
Elke
veiligheidsbeambte moet binnen de drie maanden na zijn
indiensttreding een vorming van 46 dagen volgen. Deze verplichte
vorming zal de veiligheidsbeambte de noodzakelijke professionele
competenties bijbrengen om zijn volledige takenpakket te kunnen
uitvoeren. De vorming bevat een theoretisch luik, een praktische
opleiding en een opleidingsstage. De beheerscel organiseert daarna
voortgezette vormingen zodat de veiligheidsbeambten hun competenties
kunnen blijven onderhouden.
bron:
infobrochure "veiligheidskorps" uitgaande van FOD Justitie |